BEHANG
ik ben, want wij zijn


_Maartje

Van Amanullah leerde ik dat je ook zonder taal een filosofisch getinte grote opdracht kunt geven. 



Hier ze je een kopie die ik maakte van de roos die Mezkin maakte en namens  Abdulrahman bij mij inleverde. Ze leerde me dat ik ruimte wil maken voor hulpvaardigheid in de klas. Door het te beoordelen in plaats van of naast een eindwerkstuk wordt de waardering ook zonder taal snel duidelijk voor de leerlingen. Ik denk nog na over andere vormen. Ook Zychriad die haast alleen maar bezig is met anderen helpen leerde me zien hoe geweldig dit is en waarom dit niet “beloond” wordt (zoals met een goed cijfer) in Nederland. 



Voor het maken van dit behang moest ik thuis letterlijk ruimte maken. Mijn moederrol en daarmee mijn gezin, moest even het huis uit in ruil voor deze behangrol...


Wat is er te zien?
Dit behang toont de visuele wisselwerking met mijn leerlingen vanuit mijn perspectief. Wat ik van hen leer en hoe ik hen een plek geef in de lessen. Het is een analyse in een vorm die taal loslaat. Er staan ook kopieën/representaties van werk van leerlingen op, maar ik ben op dit behang wel de redacteur. Het werk dat erop staat is altijd iets waardoor ik en daardoor mijn lessen beïnvloed zijn. In plaats van een opgelegd lesprogramma is het de dialoog tussen docent en leerling die sturend is. Carolien verwoordde het mooi, het is een combinatie van vaardigheden leren en loslaten. Het lijkt erop dat we alledrie vaardigheden niet als einddoel inzetten, maar als middel.

Voor mij werkt het zo. Ik geef een opdracht. In de klas gebeuren dingen die ik niet had verwacht en die ik in eerste instantie misschien geen gewenste uitkomst vind. Na bezinning merk ik dat het mij iets nieuws heeft geleerd en dat ook deze resultaten er mogen zijn. Iedereen in de groep is van waarde. Dit laat ik de leerlingen impliciet voelen door deze onverwachte uitkomsten in te zetten in de volgende les. De “fout” wordt inspiratie voor de volgende les en ik voeg hier les in vaardigheden aan toe, waardoor de leerlingen ervaren dat je iets kán met ongewenste resultaten, dat je door kan en deze vaardigheden geven hen vrijheid om zelf uiting te geven aan gevoelens of iets wat ze kwijt willen. Juist bij ISK-leerlingen is deze non-verbale communicatie heel belangrijk.


Situaties waar ik wat van leerde en mijn volgende les op in speelde:

  • Leerlingen die vooral elkaar helpen ipv eigen werk maken en daar binnen ons westerse individualistische systeem niet voor beloond worden in cijfers (Zychriad, Mezkin)

  • Docenten die praten over wat leerlingen allemaal slecht kunnen en niet lijken stil te staan bij wat zij zelf daarin kunnen betekenen

  • Leerlingen die niets op papier durven te zetten en gelijk iets perfects willen maken of zelfs hun werk verscheuren (Emirhan, Abdinasir, Ahmed)

  • Leerlingen die juist wel iets doen ook al geen schoolervaring (Ahmed)

  • Bruinen van Abdinasir (waarom zit er geen bruin in kleurencirkel Ittens?)


Waarom een behang? Boeken en websites voelen voor mijn ADD-brein niet zo relaxed, alles zit achter elkaar en alle dwarsverbanden zijn voor mij te weinig zichtbaar. Ik wil gewoon alles tegelijk zien en hoe het zich tot elkaar verhoudt. Dat kan op een behang. Voor mij is een behang redelijk in mijn comfortzone omdat ik als grafisch ontwerper gewend ben om 2d te werken, maar het voelt toch ook een beetje ongemakkelijk voor mij omdat je zo analoog niet zo makkelijk kan blijven ordenen en herschikken. Hiermee moet ik zelf ook loslaten om iets perfects te willen maken. Letterlijk heb je veel ruimte op een behang. Het kan van een kale ruimte een thuis maken. Tegelijkertijd neem je hiermee zelf ruimte in op de muur, anderen kunnen nog lopen door de ruimte en dichterbij of verder weg gaan staan van het behang.

De behangrol is langwerpig, maar niet chronologisch/lineair, hij groeit tijdens het werken. Als iets niet meer relevant is wat er op staat, dan zet ik de nieuwe bevinding erover heen, maar de “fout” is iets waar ik van heb geleerd en dus niet weg en ook niet waardeloos.

Als docent geef je les aan de leerlingen, maar je leert ook van hen. Wat ik van de leerlingen leer laat ik zien op dit behang. Het behang groeit steeds maar door. Het is nu 1,5 x 4 meter.


Een behang in de klas
Met de klas heb ik ook een behang gemaakt. Ik startte de les met dit beeld waar ik al hun namen heb opgeschreven. Het was fijn om zo de namen te oefenen en even aandacht te besteden aan elke leerling. Eerder heb ik hen allemaal hun naam laten inspreken. Zo kon ik ook de juiste uitspraak oefenen. Deze beide handelingen zou ik graag als een ritueel voor mezelf meenemen en steeds bij nieuwe leerlingen uitvoeren.

Toen de leerlingen dit beeld zagen kwamen er  verwonderde kreten uit de groep. Ze zagen al hun namen en vroegen of ik het had gemaakt. Het heeft mij misschien een ontspannen kwartiertje gekost om het te maken, de opbrengst voelt groter dan de inspanning. Ik hoop dat ze voelden dat ik ruimte voor hen wilde maken. 


Vervolgens heeft de klas samen een behangrol gemaakt. De leerlingen zaten om de behangrol heen alsof ze samen aan een dinertafel zaten. Elke 10 minuten gaf ik een korte opdracht en dan moesten ze doorschuiven. De bedoeling was een soort typografisch groepsportret. De eerste opdracht was al gelijk je naam schrijven met wit krijt. Later hebben we nog aandacht besteed aan lijnen, vorm en vlak. In de praktijk bleken de leerlingen het best lastig te vinden hun eigen naam te verlaten en op een nieuwe plek lijnen te tekenen. Dit had ik wat onderschat en misschien voelde het zelfs onveilig voor de leerlingen. Goed om deze opdracht nog eens wat aan te passen en te proberen als leerlingen mij en elkaar al wat beter kennen.